Waar stem jij op als begeleider?

Op 15, 16 en 17 maart gaan we naar de stembus voor de verkiezingen. Een beetje vereniging helpt haar achterban daarbij op weg. Dus: ook al is er inmiddels een wildgroei aan stemhulpen ontstaan, ook de NVS-NVL doet nog een duit in het zakje.

We hebben de onderwijshoofdstukken van de verkiezingsprogramma’s van 14 partijen voor je doorgespit en gekeken naar de standpunten van partijen die van belang zijn voor LOB en leerlingondersteuning.

Wat valt op?

Alle partijen vinden onderwijs belangrijk en vinden dat er meer moet worden geïnvesteerd in onderwijs. Daarbij is aandacht voor het lerarentekort en meer ruimte en beloning voor docenten een gemene deler. De grootste verschillen zitten in de visie van partijen op onderwijsinhoud en onderwijsvernieuwingen.

Onderwijsvernieuwingen

Als het om onderwijsvernieuwingen gaat zijn Forum voor Democratie en PVV het meest conservatief. Zo is de PVV van mening dat elke vernieuwing onrust met zich mee brengt en leidt tot kwaliteitsverslechtering en wil FvD herstel van onderwijs dat gericht is op kennisoverdracht. De SGP en ChristenUnie pleiten voor ‘geleidelijke aanpassingen’ op een ‘verantwoordelijk tempo’. Andere partijen zijn juist voorstander voor snellere en grotere vernieuwingen. Meer focus op persoonlijke ontwikkeling en vaardigheden worden genoemd door Partij voor de Dieren, Bij1, Volt, GroenLinks en D66. Later kiezen en brede brugklassen worden door GroenLinks, CU, D66 en CDA genoemd. D66, VVD, PvdA en Volt pleiten voor meer maatwerk in het volgen van vakken op verschillende niveaus. De VVD richt zich met name op excellent onderwijs. LOB en de decaan worden nergens expliciet worden genoemd, behalve door JONG (de eerste jongerenpartij ter wereld, die wij overigens verder buiten beschouwing hebben gelaten in dit artikel).

Passend Onderwijs

Passend Onderwijs wordt door alle partijen genoemd. Volgens de SP moet Passend Onderwijs op de schop. FvD wil passend onderwijs zoveel mogelijk vervangen door speciaal onderwijs. De SGP vindt het onhaalbaar en onwenselijk om alle kinderen in het reguliere onderwijs een plek te geven. GroenLinks, Bij1 en D66 streven daarentegen juist naar inclusief onderwijs. Alle overige partijen zitten hier tussenin. De Partij van de Dieren ziet kleinere klassen als een belangrijke maatregel om Passend Onderwijs te verbeteren.

Kansengelijkheid

Kansengelijkheid is een belangrijk thema in veel verkiezingsprogramma’s, waarbij sommige partijen actief willen streven naar kansengelijkheid (GroenLinks, Bij1 CDA, D66, DENK, Volt), terwijl andere partijen vooral streven naar ‘eerlijke kansen’ (SGP, SP). Bij Fvd en PVV is kansengelijkheid een minder prominent onderdeel van het partijprogramma. Stagemogelijkheden (stage-garantie, stage- ondersteuning, stage-pact) is een belangrijk onderwerp voor SGP, DENK, PvdA, CU, GroenLinks en D66.

Leenstelsel en scholingsbudget

Het merendeel van de partijen is voor herinvoering van de basisbeurs. Dit geldt voor alle partijen behalve voor de VVD en D66. GroenLinks, de SP, de PvdA, de ChristenUnie, DENK en het CDA maken daarnaast ook middelen vrij om studenten die onder het studievoorschotstelsel vielen, te compenseren. D66 wil het leenstelsel niet afschaffen, maar hervormen, waardoor de student er netto op vooruitgaat. Bij1 en Volt willen het collegegeld afschaffen. Een leven lang leren vinden veel partijen belangrijk. Daartoe pleiten sommige partijen voor een ontwikkel- of scholingsbudget (Partij voor de Dieren, D66, SGP, PvdA, VVD) voor werkenden. GroenLinks wil een startkapitaal van € 10.000 voor alle jongeren om in te zetten voor hun ontwikkeling.

Het prijskaartje

Zoals gezegd: alle partijen willen meer investeren in onderwijs, maar voor sommige partijen is die extra investering groter dan voor anderen. VVD en SGP investeren allebei het minst in onderwijs: 1,3 miljard extra. Let wel: dit is bovenop de 41,9 miljard die al wordt geïnvesteerd. Koploper is GroenLinks, die bijna 10 miljard extra in onderwijs wil investeren. D66 en PvdA zitten rond de 9 miljard extra, de SP, CU en DENK zitten rond de 5 miljard extra, het CDA 2,6 miljard extra.[1]

Doordat de meeste partijen ook hun andere overheidsuitgaven vergroten en kiezen voor een impuls in de economie in de komende kabinetsperiode, groeit het begrotingstekort. De meeste partijen verschuiven de financiële lasten naar toekomstige generaties. Voor de VVD, de ChristenUnie en SGP geldt dit het minst, voor D66 en de SP geldt dit het sterkst. Daar moet natuurlijk bij worden opgemerkt dat voor toekomstige generaties niet alleen financiële lasten van belang zijn, maar ook de kwaliteit van onderwijs, klimaat en publieke voorzieningen.[2]

[1] Keuzes in Kaart 2022-2025 Economische analyse van verkiezingsprogramma’s, pagina 8.

[2] Keuzes in Kaart 2022-2025 Economische analyse van verkiezingsprogramma’s, pagina 6-7.

Samenvattingen per partij

Hieronder kun je onze samenvattingen van maximaal 500 woorden lezen van de 14 partijen. Wij zijn ervan bewust dat de punten in een context staan en dat wij met deze opsomming geen volledig beeld geven, maar we hopen je hiermee toch een handreiking te kunnen doen. Daarnaast attenderen we je ook graag op het OnderwijsKieskompas, een stemwijzer gericht op onderwijs die is ontwikkeld door diverse samenwerkende onderwijsorganisaties waaronder de FvOv waar de NVS-NVL bij is aangesloten.

 

 

  • BIJ1

    BIJ1 gaat voor inclusief, toegankelijk, kwalitatief hoogwaardig onderwijs, gelijke kansen, onderwijsinstellingen met goede in- en doorstroming en flexiblele lesprogramma’s zodat alle leerlingen onderwijs krijgen dat bij hen past en waar zij talenten en vaardigheden zoals creativiteit, inlevingsvermogen en samenwerking kunnen ontwikkelen. Volgens BIJ1 moet onderwijs kinderen meer bieden dan alleen ontwikkeling van cognitieve vaardigheden en er zou meer focus moeten komen op het aanleren van vaardigheden en executieve functies. BIJ1 is van mening dat vakken als rekenen en taal een middel zouden moeten zijn om andere, belangrijkere vaardigheden te leren. Volgens Bij1 moet onderzoek gedaan worden naar de mogelijkheden voor een flexibeler curriculum, dat meer toegespitst is op de individuele talenten van de leerlingen. De doorstroom van het vmbo naar het mbo en van het mbo naar het hbo moet volgens BIJ1 verbeterd worden. BIJ1 wil meer mogelijkheden voor het begeleiden van leerlingen en studenten en wil hiervoor extra budget vrijmaken voor de ondersteuningbehoefte van de leerlingen met een beperking. Ook BIJ1 is voor het opnieuw invoeren van de basisbeurs maar gaat een stap verder door het collegegeld af te schaffen: middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs worden gratis. Daarnaast pleit BIJ1 voor schoolpsychologen in het beroeps- en hoger onderwijs.

    https://bij1.org/programma/

  • CDA

    Het CDA belooft de basisbeurs weer terug te brengen. Daarnaast pleit het CDA voor een leven lang leren en gelijke kansen. Volgens de CDA leren we niet alleen op scholen en universiteiten, maar net zo goed thuis, in de digitale wereld en op het werk. Volgens het CDA moeten we belemmeringen om te leren en door te leren wegnemen en scholieren en studenten de tijd en ruimte geven om hun eigen weg te vinden. Om jongeren alle kansen te bieden om te leren en zich te ontwikkelen, staat het CDA voor een onderwijssysteem waarin jongeren worden aangemoedigd om verder te leren. Voor wie dat kan en wil, moet doorstromen vanuit mbo naar hbo en verder naar de universiteit altijd een optie zijn. Onder andere door de doorstroming vanuit het mbo naar de associate degreeprogramma’s op hbo-niveau te verruimen.  Volgens het CDA is het aandachtspunt voor het mbo ook dat het onderwijsaanbod passend is bij de behoefte in de regio, waarbij het opleidingsaanbod goed aansluit bij de vraag. Om te voorkomen dat laatbloeiers door een verkeerde keuze onvoldoende tot hun recht komen, wil het CDA in het middelbaar onderwijs meer ruimte voor gecombineerde schooladviezen en verlengde brugklassen. Het CDA wil drempels om tussentijds over te stappen naar een andere opleiding wegnemen. Ook wil het CDA een beroepsgerichte variant van de havo, gericht op sectoren met voorzienbare tekorten als de zorg. Met betrekking tot passend onderwijs pleit het CDA voor een regievoerder die pas los laat als het kind de hulp krijgt die het nodig heeft. Ouders hebben daarin echter het laatste woord en krijgen derhalve instemmingsrecht voordat deze regievoerder een besluit neemt. Daarnaast wil het CDA school en zorg onder één dak hebben, zodat er direct begeleiding is voor de leerlingen en willen ze meer faciliteiten zoals hulpverleners in de klas die samenwerken met de leerkracht en andere onderwijsprofessionals.

    https://www.cda.nl/verkiezingsprogramma

  • ChristenUnie

    De ChristenUnie ziet onderwijs als een van de belangrijkste bouwstenen van onze samenleving. De ChristenUnie wil investeren in leraren en in de kwaliteit van het onderwijs. Scholen moeten extra middelen krijgen voor professionele ontwikkeling van leraren en schoolleiders om problemen als segregatie, kansenongelijkheid, werk- en prestatiedruk, aan te pakken.  

    Om kansengelijkheid te bevorderen wil de ChristenUnie soepele overgangen van het basisonderwijs naar de brugklas bevorderen door meervoudige schooladviezen (m.b.v. de doorstroomtoets), brede brugklassen en goede begeleiding. Leerlingen kunnen zonder voorwaarden doorstromen naar een hoger onderwijsniveau. Ook wordt de basisbeurs weer ingevoerd en komt er compensatie voor studenten in het huidige leenstelsel.

    De ChristenUnie wil graag dat de talenten van ieder kind tot bloei komen, ook als kinderen extra hulp en ondersteuning hierbij nodig hebben. Het speciaal onderwijs is een waardevol en toegankelijk onderdeel van ons onderwijsstelstel voor kinderen die daar het best op hun plek zijn. Passend onderwijs heeft verbeteringen nodig, maar wel op een verantwoord tempo en met voldoende mensen en middelen. Voorgenomen maatregelen zijn o.a. verbetering van samenwerking tussen onderwijs, jeugdhulp en zorg, een tijdelijke combinatie van onderwijs op afstand en fysiek onderwijs te volgen voor thuiszitters, beter toezicht op passend onderwijs.

    ChristenUnie wil verder investeren in technisch vakmanschap en ambachtsonderwijs, een stage-pact voor mbo’ers en hbo’ers zodat jongeren verzekerd zijn van een goede stageplaats, begeleiding tegen uitval en het mbo beter toegankelijk maken voor mensen zonder startkwalificatie. De CU ziet het praktijkonderwijs als een volwaardige schoolsoort en wil dit rechtstreeks bekostigen.

    https://insite.christenunie.nl/l/library/download/urn:uuid:43e1946c-a793-41ac-a80a-fddb045f8408/verkiezingsprogramma+2021-2025+-+christenunie.pdf

  • D66

    Als het aan D66 ligt nemen we afscheid van starre systemen, te vroege selectie en keuzestress. D66 wil meer budget geven aan scholen met kansarme leerlingen en meer geld voor inclusief onderwijs. Zij willen dat elk kind later mag kiezen welke richting het opgaat, en de ruimte krijgt voor een eigen leerpad dat afgestemd is op de optimale ontwikkeling van het kind. Daarnaast willen ze studenten de mogelijkheid geven om te stapelen, door te stromen en internationale ervaring op te doen. Daarnaast pleit D66 voor een uitbreiding en hervorming van de studiebeurs. D66 wil langere schooldagen zodat er ook ruimte is voor sport-, muziek-, theaterles, stages, huiswerkbegeleiding en examentraining als integraal onderdeel van het programma. D66 wil af van onderwijs dat gericht is op een ‘niveau’; zij willen praktijk-, vak-, beroeps- of academisch gericht onderwijs. Waarbij er per vak de keuze voor een richting kan worden gemaakt en de vakken waar een leerling het minst goed in is, niet meer het niveau bepaalt van het diploma. De leerling ontvangt een maatwerkdiploma en een portfolio van behaalde resultaten in mogelijk meerdere richtingen. D66 wil een hechtere samenwerking tussen verschillende scholengemeenschappen, zowel vanuit het regulier als speciaal onderwijs en mbo-instellingen en een versterkte samenwerking tussen mbo-instellingen en het voortgezet onderwijs en hbo. Door een nauwere samenwerking wordt de overstap voor studenten gemakkelijker. Daarnaast wil D66 meer aandacht voor leerroutes vanuit voortgezet (speciaal) onderwijs naar mbo niveau 3 en 4 en meer ondersteuning via een beroepsgerichte leerlijn, die beter aansluit op de arbeidsmarkt. Zij willen mogelijkheden om entreeopleidingen en mbo niveau 2 opleidingen te integreren binnen de middelbare schoolomgeving waarbij de behoefte van de leerling centraal staat  verkennen. Bedrijven, scholen, onderzoeksinstellingen en overheid zijn volgens D66 samen verantwoordelijk voor de juiste aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt daarom stimuleert D66 regionale samenwerking tussen mbo-instellingen en bedrijven om demografische krimp op te vangen, tekorten op de arbeidsmarkt op te lossen en studenten een duurzaam arbeidsperspectief te geven. Waarbij opleidingen, bedrijven en overheid samenwerken aan voldoende stageplaatsen en bbl-plekken (leerwerkplekken), met goede praktijkbegeleiders. D66 wil de toegang tot speciaal onderwijs versoepelen en de weg inslaan naar inclusief onderwijs: elke school en opvang is toegankelijk voor alle kinderen. Niet langer kinderen met of zonder beperking gescheiden van elkaar laten opgroeien, maar samen spelen en leren. Daarnaast moeten volgens D66 de middelen voor onderwijs en voor ondersteuning en zorg in onderwijs worden ontschot, zodat er één grote pot komt waaruit het passend onderwijs voor elke leerling kan worden vergoed. Elke school krijgt daarom van D66 een zorgteam die expertise uit het speciaal onderwijs moet behouden blijven en wordt ingezet in het regulier onderwijs. D66 pleit voor alle studenten (van mbo tot hbo tot universiteit) voor minder focus op snelheid en standaardroutes en meer ruimte voor maatwerk en persoonlijke ontwikkeling. Daarnaast wil D66 het overstappen tussen vo, pro/vso, mbo, hbo en wo makkelijker maken en een uitbreiding van de studiebeurs die voor meer studenten beschikbaar komt. D66 wil verkennen hoe elk kind op de leeftijd van 16 jaar een ontwikkelingsbudget krijgt, te gebruiken voor onderwijs en in kansen op ontplooiing.

    https://d66.nl/verkiezingsprogramma/

  • DENK

    Denk staat voor toegankelijk onderwijs, waarin er gelijke kansen zijn voor alle leerlingen, waardoor iedereen in staat is om het volle potentieel uit zijn of haar leven te halen. DENK hecht ook waarde aan de socialiserende werking van onderwijs. In het ideaal van DENK is onderwijs geen toetsfabriek, maar brengt het de kennis en vaardigheden over die van Nederlanders vaardige en sociale deelnemers van onze samenleving maken.

    Denk wil dat er in het onderwijs radicaal wordt ingezet op gelijke kansen voor alle kinderen en jongeren. Het onderwijs moet een emancipatiemotor zijn waarin het inkomen van iemands ouders, iemands afkomst of het opleidingsniveau van iemands ouders nooit mag bepalen hoe ver iemand binnen het onderwijs komt. Denk noemt hierbij de volgende concrete maatregelen: -Meer geld voor het onderwijsachterstandenbeleid -De basisbeurs herinvoeren -Een stagegarantie van de overheid voor iedereen die geen stageplaats kan vinden

    Denk wil fors investeren in het onderwijs, o.a. door extra geld voor passend en speciaal onderwijs, om ieder kind de ondersteuning te bieden die het nodig heeft.

    https://www.bewegingdenk.nl/verkiezingsprogramma/

  • Forum voor Democratie

    Forum voor Democratie is voor het behouden van de keuzevrijheid in het aan te bieden extra vakken in het voortgezet onderwijs. Forum is van mening dat de balans teveel op het sociale element is komen te liggen en te weinig op kennisoverdracht. Dat moet hersteld worden. Passend onderwijs moet volgens FvD zoveel mogelijk vervangen worden door speciaal onderwijs. FVD wil dat het beroepsonderwijs (vmbo en mbo) anders wordt ingericht. In het beroepsonderwijs moet een scheiding worden aangebracht tussen een theoretische en praktische leerweg. Waarbij er meer gezamenlijke verantwoordelijkheid van bedrijven en scholen voor de regionale invulling van onderwijsprogramma’s in het beroepsonderwijs dient te komen. FvD is voor het behoud van differentiatie op niveau. FvD is geen voorstander van socialistische middenschoolexperimenten en wil bescherming van de categorale gymnasia. Daarnaast pleit het FvD voor de herinvoering van de basisbeurs; gepaste compensatie voor de generatie die hiervoor niet in aanmerking is gekomen en een OV-kaart voor studenten geldig in zowel het weekend als doordeweeks zolang de student ingeschreven staat.

    https://www.fvd.nl/standpunten

  • GroenLinks

    GroenLinks ziet school als een plek waar je kunt leren, jezelf kunt ontwikkelen en waar je je dromen kunt najagen. Volgens GroenLinks is het tijd voor een omslag. GroenLinks kiest voor echt inclusief passend onderwijs dat draait om de leerling met ruimte om te ontdekken en om zich te ontwikkelen. Om aan te sluiten op de ontwikkeling van leerlingen wil GroenLinks dat leerlingen vakken waar ze goed in zijn op een hoger niveau volgen en een vak waar ze minder goed in zijn op een lager niveau volgen.  GroenLinks gaat investeren in initiatieven en extra middelen om buitenschoolse begeleiding te bieden die voortijdig schoolverlaten tegengaat en schoolverlaters alsnog aan een startkwalificatie helpen. GroenLinks wil dat alle leerlingen naar een tienerschool of een meerjarige brede brugklas gaan waarbij ze pas in het derde jaar van de middelbare school een niveau kiezen. Kinderen met en zonder beperking moeten volgens GroenLinks dezelfde ontwikkelkansen krijgen, bij voorkeur in de buurt, met de begeleiding die nodig is. Daarom wil GroenLinks investeren in extra ondersteuning op school, in begeleiding van thuiszitters, hulp aan zwevende leerlingen, in ‘samen naar school klassen’. GroenLinks wil de onderwijsbekostiging aanpassen zodat ook individuele begeleiding mogelijk is, wanneer een klassikale setting op een school (tijdelijk) niet werkt. Ook GroenLinks heeft net als de andere partijen aandacht voor de beloning van leraren. Zij benoemen specifiek de beloning en doorstroommogelijkheden van leraren en ondersteunend personeel in het vmbo en mbo. Daarnaast moeten mbo-docenten volgens GroenLinks meer tijd krijgen voor het begeleiden van stages en het opzetten van praktijkgerichte opdrachten. Groens Links wil ambachtsscholen, onder andere in de tekortsectoren stimuleren en investeren in stagemakelaars en stagecoördinatoren om studenten beter te begeleiden en de samenwerking met praktijkopleiders in de bedrijven te verbeteren. Als het aan GroenLinks ligt, mogen studenten de hele week en tijdens de zomer reizen met het studentenreisproduct, worden de kosten van het reisproduct kwijtgescholden als een student de studie niet haalt en krijgen alle jongeren vanaf achttien jaar een startkapitaal van 10.000 euro.

    https://groenlinks.nl/verkiezingsprogramma

  • PvdA

    Om kansengelijkheid te bevorderen en het lerarentekort aan te pakken is het nodig om fors te investeren in het onderwijs. Daarmee zal ook de kwaliteit van het onderwijs verbeteren. Ieder kind moet mee kunnen doen en onderwijs moet inclusief zijn. Ieder kind de juiste ondersteuning (Passend Onderwijs) is het streven. Omdat het Passend Onderwijs nu teveel gepaard gaat met verhoging van de werkdruk wil de PvdA investeren in passend onderwijs en de aansluiting tussen onderwijs en jeugdzorg verbeteren. De PvdA wil vastleggen welk niveau van basisondersteuning minimaal nodig is om kinderen te begeleiden in hun specifieke behoeften. Er wordt maatwerk geboden waar nodig.

    De PvdA wil leerlingen de mogelijkheid geven om zich op verschillende manieren en in verschillende tempo’s te ontwikkelen. Zo krijgen leerlingen pas een definitief schooladvies na de tweede klas van de middelbare school en wil de PvdA diploma’s, waarbij leerlingen voor vakken waar ze goed in zij op een hoger niveau examen kunnen doen. Verder wil de PvdA doorstromen, diploma’s stapelen en een opleiding volgen op latere leeftijd makkelijker maken. Leerlingen hebben minimaal een startkwalificatie nodig en ze hebben goede lees-, reken- en schrijfvaardigheden nodig.

    De PvdA wil de basisbeurs herinvoeren, meer insteken op het studentenwelzijn en stagegarantie voor mbo’ers en hbo’ers bieden, bijvoorbeeld door een stagebemiddelingspunt. Voor het mbo wordt extra geld uitgetrokken voor extra onderwijsaanbod of zomerscholen. Ook in de BBL wordt geïnvesteerd, en er wordt geïnvesteerd in vakscholen (werkscholen/bedrijfsscholen) en in het hoger onderwijs. Tot slot wil de PvdA dat jongeren meer inspraak krijgen over hun vervolgonderwijs.

    Omdat leren niet ophoudt na je twintigste levensjaar, wil de PvdA een scholingsrecht voor iedere werkende, studiefinanciering boven de 30 jaar en scholen en universiteiten openstellen voor volwassenenonderwijs.

    https://indd.adobe.com/view/87585d61-b714-4b4b-99ab-46fcdbd2158b

  • Partij voor de Dieren

    De Partij voor de Dieren vindt dat iedereen die dat wil of nodig heeft, zich een leven lang moet kunnen ontwikkelen. De Partij voor de Dieren is duidelijk over wat de pijlers moeten worden van het lespakket van po, vo en de lerarenopleidingen: duurzaamheid, voedsel, natuur- en milieueducatie en dierenwelzijn. De Partij voor de Dieren wil dat het onderwijs gericht is op het ontwikkelen van cognitieve vaardigheden, maar ook op de ontplooiing van álle talenten, inclusief sociale, emotionele, motorische en creatieve vermogens; die niet in cijfers zijn uit te drukken. Scholen moeten volgens de Partij voor de Dieren gericht zijn op de ontwikkeling van de individuele leerling, daarom krijgen leerlingen van de Partij voor de Dieren inspraak in het curriculum, dragen leerlingen bij hun eigen lesprogramma en moet doorstromen naar een volgende opleiding makkelijker gemaakt worden. Onder andere door nauwere samenwerking tussen hbo en mbo. De Partij voor de Dieren wil dat klassen kleiner worden om goed passend onderwijs te kunnen geven. Voldoende aandacht voor leerlingen die onderwijs krijgen op een plek die past bij hun mogelijkheden en talenten vinden zij een plicht. Daarnaast wijst de Partij voor de Dieren op het belang van preventie van psychische klachten  en het doorbreken van taboes rondom psychische klachten rondom falen tijdens de studie. Hiervoor willen zij voor iedere student directe en laagdrempelige toegang tot een studieadviseur, studentdecaan of vertrouwenspersoon en een verruiming van het aanbod van studentpsychologen. Ook de Partij voor de Dieren is voor afschaffing van het ‘sociaal leenstelsel’, verlaging van het collegegeld en een compensatieregeling voor de generatie ‘leenstelsel-studenten’. De Partij voor de Dieren wil onderzoek doen op welke manier een ontwikkelbudget voor iedere Nederlander een goede invulling van de basisbeurs kan zijn.

    https://www.partijvoordedieren.nl/verkiezingsprogramma-pvdd-2021-2025

  • PVV

    De PVV is van mening dat elke ‘vernieuwing’ onrust met zich mee brengt en leidt tot kwaliteitsverslechtering. De PVV is altijd tegen het leenstelsel geweest. Zij vinden het  onaanvaardbaar om studenten voor een groot deel van hun leven op te zadelen met schulden. Zij willen daarom het leenstelsel afschaffen en de basisbeurs herintroduceren. De PVV wil de onderwijskolom voor het beroepsonderwijs, van vmbo-mbo-hbo versterken en willen daarom geen samensmelting van hbo en wetenschappelijk onderwijs. De PVV streeft naar echt passend onderwijs voor iedereen, waarbij er voor elke leerling een plek is.

    https://www.pvv.nl/verkiezingsprogramma.html

  • SGP

    De SGP is dankbaar voor onderwijs en ziet de vrijheid om onderwijs te geven en te krijgen die aansluit bij de eigen overtuiging en leefwereld als een succesformule. Om knelpunten in het onderwijs aan te pakken, moeten geleidelijke aanpassingen doorgevoerd worden (i.p.v. radicale aanpassingen), omdat leerlingen gebaat zijn bij deze rust. De SGP vindt het belangrijk dat het onderwijs recht doet aan de verschillende gaven van verschillende typen leerlingen. ‘Gelijke kansen voor iedereen is een illusie, maar eerlijke kansen bieden is onze plicht. Ieder kind verdient een gelijkwaardige behandeling.’ Het lerarentekort moet worden aangepakt door aandacht voor werkdruk, de status van het beroep en het salaris. Voor bijscholing en omscholing moeten voldoende mogelijkheden en middelen beschikbaar zijn. Gedegen beroepsonderwijs is nodig om ‘vitale beroepen’ te bedienen. Binnen het beroepsonderwijs zijn er veel kwetsbare leerlingen die veel behoefte hebben aan begeleiding, structuur en stevige, brede basiskennis. Concrete voornemens: aansluiting tussen vo en mbo verbeteren,  het aantal kwalificatiedossiers moet flink beperkt worden, de positie van kwetsbare studenten dient beter geregeld te zijn, kleinere bedrijven verdienen betere ondersteuning bij het aanbieden en organiseren van stages, de overheid moet voorzien in een persoonlijk scholingsbudget waarmee leerlingen zich na het afronden van hun opleiding gemakkelijker kunnen bijscholen. Volgens de SGP is in het HO de kwaliteit van het onderwijs en van de leerlingbegeleiding achteruit gegaan. Daarom moet de basisbeurs weer een gift worden en ook voor middeninkomen een royale uitbreiding van de aanvullende beurs, daarnaast dienen drempels op de overgangen worden geslecht. Wat betreft passend onderwijs vindt de SGP het, ‘in de huidige situatie en met de huidige financiële middelen (…) onhaalbaar en onwenselijk om alle kinderen in het reguliere onderwijs een plek te geven.’ Voor elke leerling is een passende plek nodig, dat kan zijn in het reguliere onderwijs of in het speciaal onderwijs.

    https://sgp.nl/actueel/publicaties/verkiezingsprogramma-2021-2025

  • SP

    Volgens de SP verdient ieder kind een eerlijke kans om zichzelf te kunnen ontwikkelen en moet het voor iedereen aantrekkelijk zijn om een leven lang bijscholingen te volgen. Als het aan de SP ligt gaat het passend onderwijs op de schop en komt de behoefte van het kind centraal te staan en krijgen kinderen een leerrecht. De SP pleit voor nieuwe scholen voor speciaal onderwijs. Daarnaast heeft de SP aandacht voor de jongeren die geen startkwalificatie kunnen halen. Zij krijgen een arbeidsmarktkwalificatie die duidelijk maakt wat hun vaardigheden zijn. De SP wil investeren in het mbo door het mbo alle ruimte te geven voor goede beroepsopleidingen, die ook aansluiten op de arbeidsmarkt.

    https://www.sp.nl/verkiezingsprogramma-2021?ref=tk2021

  • Volt

    Volt wil dat iedereen zich kan ontwikkelen om de eigen dromen waar te maken. Goed en toegankelijk onderwijs voor iedereen (gelijke kansen) is daar een voorwaarde voor, waarbij leerlingen worden voorbereid op werken en leven. Leraren en leerlingen werken nu in een systeem dat meer afrekent dan ondersteunt. Volt wil dat je vakken kunt volgen op verschillende niveaus en meer aandacht voor persoonlijke ontwikkeling en maatschappelijke vorming. Volt laat zich inspireren door het onderwijs in Scandinavische landen (met name Finland) en wil minder administratie en minder toetsen, meer aandacht voor de klas, meer hybride leraren, meer medialessen, meer ruimte voor leerkrachten om leerlingen te begeleiden bij hun ontwikkeling, gratis schoolmaaltijden en afschaffing van de CITO Toets. Volt wil het collegegeld afschaffen, alle studenten een basisbeurs geven uitbreiding van het Erasmusprogramma (ook voor mbo’ers moet het mogelijk zijn om in het buiteland te studeren) en bilaterale erkenning van diploma’s.  

    https://voltnederland.org/

  • VVD

    De VVD richt zich met name op excellent onderwijs. Wat betreft het basis- en middelbaar onderwijs, is er afgelopen jaren al geïnvesteerd in maatregelen om de werkdruk te verlagen en de kwaliteit te verhogen. Om dit nog verder te verbeteren is de rol van de leraar essentieel. Ook in het vervolgonderwijs wil de VVD meer ruimte voor excellente studies en studenten. Onderwijsinstellingen moeten zich houden aan kwaliteitsafspraken. Het studievoorschot (dit is het leenstelsel) zorgt ervoor dat er meer investeringen in onderwijs mogelijk zijn. Er worden veel goede vakmensen gezocht. Investeringen in de afgelopen periode in samenwerking tussen scholen en bedrijfsleven zorgen ervoor dat mbo-instellingen studenten beter op de arbeidsmarkt voorbereiden.

    Modernisering en digitalisering van onderwijs dat is ingezet door de coronacrisis, moet worden voortgezet en biedt kansen voor leerlingen met een beperking en hoogbegaafde leerlingen. Verder pleit de VVD voor meer maatwerk. Het is van belang ‘dat het onderwijs flexibel kan inspelen op de persoonlijke wensen en talenten van leerlingen en de ontwikkelingen in de maatschappij. Omdat kennis en vaardigheden steeds sneller verouderen, is het ook van belang dat later in het leven bij/of omscholing plaatsvindt.’ De VVD richt zich dan ook op een Leven lang Ontwikkelen met diverse (financiële) prikkels, waaronder de mogelijkheid om bij opleidingen per studiepunt te betalen om werken en leren beter te kunnen combineren, een persoonlijke leerrekening voor iedere werknemer om scholing mee te betalen, het levenlanglerenkrediet wordt ook voor BBL-opleidingen en de derde leerweg beschikbaar, vrijstelling binnen een studie bij opgedane praktijkkennis, etc.

    https://www.vvd.nl/verkiezingsprogramma/?gclid=Cj0KCQiAj9iBBhCJARIsAE9qRtBErG3k_5z36AnXSNqcefqshWpqBkiEnAwua5QHULzfsoEf2ypKIYMaAnerEALw_wcB