[Blog] Stand van zaken: motie Duisenberg

IMG 0650 TL 250In november is een motie aangenomen waarin de regering wordt verzocht om ‘in samenspraak met de betrokken organisaties, de VO-raad en alle sectororganisaties in het vervolgonderwijs tot landelijke normen te komen waaraan loopbaanbegeleiding, studievoorlichting en studiekeuzeactiviteiten minimaal moeten voldoen, en de uitwerking hiervan voor het meireces van 2017 met de Kamer te delen’.

Op 16 maart hebben vertegenwoordigers van NVS-NVL en VvSL gesproken over deze motie, zodat wij goed voorbereid zijn op de uitnodiging van het ministerie van OCW voor een bijeenkomst die wij binnenkort verwachten. 

Het is opvallend, maar ook eigenlijk wel logisch dat de NVS-NVL en de VvSL het inhoudelijk behoorlijk eens bleken te zijn. Het recht van leerlingen op een goede begeleiding is ons uitgangspunt. Dat betekent dat de scholen een taak hebben op dat gebied, alleen staat die taak nergens in de wet omschreven. Bij het vmbo zijn eisen in het curriculum van de vakken opgenomen, maar voor havo en vwo ontbreekt (nog) een duidelijke wettelijke basis. Het sectorakkoord, het plusdocument en het h/v curriculum bieden ook mogelijkheden om landelijke normen vast te leggen. We vinden dat scholen moeten worden verplicht om LOB-beleidsplannen op te nemen in hun (nu al verplichte) schoolplan. Wanneer er iets is vastgelegd kan de inspectie er op toezien dat LOB-beleid wordt vormgegeven op de scholen.

Goede begeleiding vraagt om een kwaliteitsstandaard van degenen die de begeleiding verzorgen. Decanen en mentoren zullen aan minimumeisen moeten voldoen en verder bevelen we aan om ook binnen de alle lerarenopleidingen aandacht aan LOB te besteden. De loopbaancompetenties zouden daar in het curriculum kunnen worden geadopteerd zodat in de lengtelijnen van de schoolcarrières eenzelfde taal wordt gesproken. Voor de reflecties is een persoonlijke begeleiding onontbeerlijk en omdat dat tijd vraagt, willen wij ons sterk maken voor de door de VvSL vernieuwde formule, om LOB-tijd per school uit te rekenen.

Uit onderzoek is al eerder gebleken dat goed vormgegeven LOB de uitval met 30% kan doen afnemen. Op dit punt waren er wat verschillen in inzicht hoe zwaar de uitvalcijfers moeten meewegen bij een schoolbeoordeling. Waar we het over eens waren is dat er een verplichting komt voor scholen om zicht te hebben over de prestaties, maar vooral de oorzaken van uitval/switch van hun oud-leerlingen om erachter te komen hoe zij hun LOB-beleid kunnen verbeteren.

Ik kijk vol verwachting uit naar de uitnodiging van het ministerie van OCW!

Peter Huwae, beleidsmedewerker LOB havo-vwo