LOB op een excellente school

Het Clusius College in Castricum en CSG Calvijn Juliana in Rotterdam ontvingen vorig schooljaar het voor de eerste keer uitgereikte predicaat 'excellente school'. Bij de Les was benieuwd naar de manier waarop deze scholen hun loopbaanoriëntatie en –begeleiding vormgeven.

Het lukte 21 van de 142 deelnemende scholen (vmbo, havo en vwo) om de prestigieuze aanduiding excellente school te behalen. Het ministerie wil scholen aanmoedigen zich te onderscheiden en de lat hoog te leggen. De gelauwerde scholen kunnen fungeren als koploper en rolmodel. Een jury bekeek de genomineerde scholen op prestaties (cijfers), de onderwijskwaliteit en de kwaliteit van leraren en schoolleiders. Lob was geen expliciet onderdeel bij de beoordeling. Bij de Les bevroeg decanen van twee vmboscholen juist over dit onderwerp.

Clusius College: groen-school met regiofunctie
Het Clusius College Castricum is een 'groen-school' voor vmbo basis, kader en de gemengde leerweg met mogelijkheid om het diploma van de theoretische leerweg te behalen door een extra examenvak te kiezen. De school heeft ruim duizend leerlingen en heeft als enige vmbo-school in deze plaats ook een regionale functie. Het Clusius College kreeg de titel van excellente school voor de prestaties in de basisberoepsgerichte leerweg. De klassen 'Basis Op Maat' en 'Basis Zelfstandig' hebben elk een vast docententeam en een eigen lokaal. Hiermee creëert de school voor deze jongeren rust, stabiliteit en genoeg aandacht om optimaal te presteren. De laatste jaren is het slagingspercentage honderd procent. De leerlingen kunnen met een jaar extra een hoger diploma behalen. Gerdy Coulier is de decaan voor alle leerjaren.

CSG Calvijn Juliana: verschillende nationaliteiten
CSG Calvijn Juliana in Rotterdam-Zuid is een vmbo-school met theoretische en gemengde leerweg. De school heeft een kleine vierhonderd leerlingen met een groot aantal verschillende nationaliteiten en is een van de zeven vestigingen van de christelijke scholengemeenschap Calvijn. Het CSG Calvijn Juliana ontving de titel van excellente school specifiek voor de intensieve begeleiding van leerlingen en voor de huiswerkuren. De school draagt zorg voor goede structurering van de leerstof en de lijnen met de ouders zijn kort. Hilde Buitenhuis is decaan voor alle leerjaren.

Goed voorbereid naar vervolg onderwijs

Wat is jullie visie op lob?
Clusius College: 'Wij willen dat onze leerlingen goed voorbereid overstappen naar het vervolgonderwijs en daar succesvol hun opleiding afmaken. Het is een illusie om te denken dat iedere leerling op zijn vijftiende kan kiezen voor de rest van zijn leven. Wij moeten de leerling wel stimuleren om het beste uit zichzelf te halen en na het vmbo een opleiding te kiezen die bij hem past. Afhaken voelt als een mislukking, dat kan leiden tot ongemotiveerdheid om weer iets anders op te pakken. Het merendeel, zo'n tachtig procent van onze leerlingen, gaat niet verder in het groenonderwijs. Dus moeten onze leerlingen heel goed weten wat andere sectoren te bieden hebben. Zij moeten ontdekken, bijvoorbeeld door stages, of de veronderstelde richting dat is wat ze denken en of ze hier verder in willen.'

Calvijn Juliana: 'Loopbaanleren heeft prioriteit in de school. Ook al moeten we knokken voor de decanenuren, de directie heeft er wel aandacht en ruimte voor. De kern van onze school is een heel intensieve begeleiding van de leerlingen door mentoren. Ook de loopbaanbegeleiding doen we in intensieve samenspraak met mentoren. Als decaan stuur ik dat aan. De manier waarop we lob vormgeven, verschilt per leerjaar. Persoonlijke ontmoeting en creativiteit zien wij als belangrijke pijlers van de begeleiding.

Hoe geven jullie lob vorm?
Clusius College: 'In de onderbouw starten we tijdens de mentorlessen met opdrachtjes die over jezelf gaan, je vaardigheden, eigenschappen en interesses. De derde klassen krijgen van hun mentor wekelijks een ingeroosterd lob-uur met opdrachten die ze in een elektronische leeromgeving maken. Het gaat om voorbereiding op beroepenmarkten, stages, open dagen, meeloopdagen bij vervolgopleidingen, het samenstellen van het eindexamenpakket en gastlessen. Ze leren bijvoorbeeld een brief te schrijven naar een stage-adres en hoe ze zich daar gaan presenteren. Bij verschillende onderdelen zijn er ook verwerkingsopdrachten achteraf. We hebben pas een nieuwe opdracht gemaakt over netwerken, wat dat is en hoe je dat kunt gebruiken om aan geschikte contacten te komen.

De stage-coördinator en ik hebben alles zelfgemaakt. De mentoren krijgen een map met al het materiaal en de planning. De derdeklassers verzamelen hun materiaal in een portfolio. In de vierde borduren de leerlingen verder op wat ze al over zichzelf weten. Ze werken dan meer gericht aan persoonlijke competenties, die ze weergeven op een puntenschaal. Het streven is dat de mentor met elke leerling drie keer per jaar een individueel gesprek voert. In de vierde bezoeken ze ook weer allerlei scholen, maken een CV, een LinkedIn-profiel en bereiden ze hun intakegesprek op het mbo voor. '

Calvijn Juliana: 'In klas 1 doen de leerlingen maatschappelijke stages en de leerlingen van leerjaar 2 bezoeken Skills Netherlands. Dit jaar zijn we in klas 2 ook gestart met bliksemstages in samenwerking met bureau Jinc. Leerlingen maken zo het beroepsbeeld in de praktijk mee. Een vorm van creativiteit in de begeleiding is het contact zoeken met externe clubs. Er blijkt dan veel mogelijk te zijn, zoals met name in de techniek. Bedrijven staan te springen om goede mensen en werken daarom kosteloos
mee.

Klas 3 heeft onder meer een stageweek en een bezoek aan een loopbaanmarkt. Cruciaal bij alle activiteiten is dat mentoren de ervaringen met leerlingen bespreken. Onze mentoren en ook ik als decaan krijgen extra ondersteuning in het voeren van loopbaangesprekken dankzij een pilot van het Rotterdamse project loopbaanoriëntatie in de vorm van een train-de-trainer traject.

In klas 4 ontstaat er voor ons een spanningsveld tussen de externe activiteiten en het gestructureerd leren in de klas. Het is dan zaak dat we een goed evenwicht zoeken. Ten slotte willen we het komend jaar ook de ouders meer betrekken bij lob.'

Wat is specifiek of typerend voor jullie school?
Clusius College: 'Dat we in de derde een ingeroosterd lobuur hebben kost formatie. We hebben een schoolleiding die duidelijk het nut van lob ziet en daar positie over inneemt. Ze ziet ook graag dat onze leerlingen succesvol zijn in het vervolgonderwijs en dat ze daarvoor de weg moeten leren kennen en zichzelf.
Het feit dat de leerlingen de opdrachten digitaal doen levert extra vaardigheden op. Het is ook bijzonder dat ik als decaan samenwerk met de stagecoördinator. Wat de leerlingen tijdens stage en lob doen heeft met elkaar te maken, dus werken we veel samen om samenhang aan te brengen.'

Al zeker dertig jaar een huiswerkvrije school

Calvijn Juliana: 'Wij zijn al zeker dertig jaar een huiswerkvrije school: leerlingen maken 's morgens van acht tot negen uur huiswerk op school en na school nog eens drie kwartier. Op die manier leren ze om te leren. Verder bestaat onze begeleiding uit een apart maatwerk uur, waarin leerlingen die slecht zijn in een vak extra bijlessen krijgen. Dit jaar vielen de examens ongunstig vlak na een vakantie, daarom was onze school in de laatste week van de vakantie open voor extra lessen.'

'Iedere nieuwe leerling krijgt huisbezoek, zo ontstaan de korte lijnen met de ouders. We gebruiken wat trucjes. Ouders moeten bijvoorbeeld naar school komen om het rapport op te halen en het pta te ondertekenen. De ouders die niet komen, bellen we diezelfde week nog voor een afspraak. Het werkt: bijna 90 procent van de ouders komt naar de ouderavonden. Het is prettig om de ouders te spreken, ook van de leerlingen met wie het goed gaat.'

'We zijn geen school waar docenten om drie uur de deuruit kunnen gaan. Het is bijna een idealistische keus om hier te werken. De motivatie voor mentoren is dat je ziet dat je werk effect heeft: leerlingen hebben succes, ze halen het diploma.'

Wat is lastig in de praktijk?
Coulier: 'Dat wat de leerlingen in de derde doen, gaan we komend schooljaar ook gelijk in hun portfolio laten verwerken en afronden. Die verwerking deden we eerst pas in de vierde. Het examenjaar krijgt nu meer de vorm van bevestiging van wat al gevonden is. Het is lastig om
data van allerlei activiteiten op scholen in de regio in een programma te zetten. De kunst is om flexibel te blijven voor onverwachte zaken en als er bijvoorbeeld een datum verandert.
Je merkt in de praktijk dat niet alle mentoren even gedreven of competent zijn om met de leerlingen aan lob te werken. Collega's verschillen, net als de leerlingen, in wat ze graag doen en waar ze goed in zijn. We draaien nu twee jaar met dit programma. Onze leerlingen doen het goed in het vervolgonderwijs. We willen het percentage dat met succes het mbo doorloopt nog hoger krijgen.'

Calvijn Juliana: 'De overstap naar het mbo is een moeilijk verhaal. We praten eerlijk met de leerlingen over het slechte toekomstperspectief van sommige opleidingen en adviseren ze soms om na te denken over een alternatief. Ook door de verschillende culturen die we op school hebben, is het toekomstperspectief niet heel goed. We merken gelukkig dat roc's meer aandacht aan begeleiding gaan besteden. Onze contacten met de roc's zijn de laatste jaren verbeterd, met name door de persoonlijke ontmoetingen in het mbo-platform Rijnmond waar ik deel van uitmaak als vertegenwoordiger van de decanenkring Rijnmond.'

Amir (14, CSG Calvijn Juliana, vmbo-tl)
'In de tweede moest je kiezen wat je wilt worden. Sommige kinderen wisten het niet en die gingen met mevrouw Buitenhuis praten. Ik wil verpleegkunde doen: eerst mbo en dan hbo. Ik had verkeerde vakken gekozen. De mentor en mevrouw Buitenhuis hebben me informatie gegeven over de juiste vakken. We hebben een excursie gedaan naar de banenmarkt en ik heb stage gelopen op een kantoor. Het is goed dat we hier op school huiswerk maken, dan hoef ik thuis niets meer te doen. Maar ik moet wel iedere dag vroeg opstaan.' Leerlingen van CSG Calvijn Juliana lopen stage in een ziekenhuis.

Michelle (15, Clusius College, derde klas kader)
'Het lob-uur is leerzaam, we maken allerlei opdrachten, bijvoorbeeld over sites van vervolgopleidingen. We moesten op een website een soort quiz maken, toen kwam er uit wat bij je past. Ook met activiteiten leer je over jezelf. Laatst gingen we op de markt zelfgemaakte jam verkopen en plantjes uit de schooltuin, dan leer je bijvoorbeeld kassa bedienen en merk je of je dat leuk vindt of juist niet. Wij hebben lob op vrijdag, dat vind ik minder omdat ik dan nog heel wat opdrachten af moet hebben, terwijl ik liever op de bank zit. Sommige vragen vind ik kinderachtig, net alsof je in groep twee van de basisschool zit. Ik wil stewardess worden, daarvoor kun je mbo luchtvaartdienstverlening doen. Die opleiding heeft verschillende richtingen, dat heb ik onderzocht. Lob is wel goed, zeker als je twijfelt. Je kunt bijvoorbeeld zien dat een opleiding ingewikkeld voor je is, dan kun je beter wat anders kiezen. Soms twijfel ik, vooral als ik iets tegenkom wat ook leuk lijkt.'

door Truda Zijp en Emmy Viezee-Fock (redactie Bij de Les)

Dit artikel is eerder verschenen in Bij de Les, jaargang 9, nummer 7