Sabrina's (w)onderwijs - Mentorraad

Waar ligt de grens tussen werk en privé? Heb je ooit écht vrij van je werk als begeleider op school of een mbo, in een tijdperk waarin een berichtje zo verstuurd is? SLB'er Sabrina Blom koord-danst in deze column op een dunne scheidslijn. Hoe reageer je als een student je nodig heeft in de vakantie, laat op de avond?

Column Sabrina Blom Wonderwijs NVS NVL

Deze column is een voorpublicatie van Bij de Les van oktober. In deze editie staan meerdere verhalen over hoe jij als begeleider persoonlijk het verschil kan maken voor je leerlingen/studenten.

De deuren van de school zijn open, studenten hebben het zand van hun vakantie naar Albufeira uit hun kleren gewassen en de lege kopjes koffie stapelen zich op bij de vaatwasmachine. Het schooljaar is begonnen. Als loopbaanbegeleider denk ik vaak aan mijn maatschappelijke taak, ook tijdens mijn zomervakantie en vrije uren. Tot waar rijkt deze taak? Stopt dit bij de drempel van school, of kent deze ook een grijzer gebied daarbuiten? Appen met een student is geen uitzondering en heel eerlijk vind ik het een prettige manier om snel contact te zoeken met studenten.

‘Uit de menigte dook een knulletje tevoorschijn’

Aan het begin van mijn vakantie heb ik een dagje doorgebracht bij de Nijmeegse vierdaagse, die ik één keer heb gelopen om mijn studietijd in Nijmegen af te ronden. Terwijl ik de eerste voetstappen over de Waalkade maakte - de muziek en de geuren van alle foodtrucks in mij opnemend - voerde de wind een herkenbaar woord met zich mee...

‘Meeeeevrooooouw!’

Uit de menigte dook een knulletje tevoorschijn, met drie bier in zijn handen en een flitsende zonnebril op. Breed lachend kwam hij mijn kant op en vloog mij om de hals (blijkbaar is een flinke knuffel met je docent in de vakantie ineens passend). ‘Ik had u meteen herkend!’, zei hij trots, en ik vroeg me meteen af of ik er in de vakantie echt totaal anders uitzag. Misschien dacht hij dat ik, als de vakantie begon, zou transformeren in een totaal ander persoon (een femme fatale? Een krom lopend vrouwtje met een stok, snoephuisje en een appel?). Na deze korte ontmoeting wenste we elkaar een goede vakantie en kon ik het niet nalaten om hem nog even te adviseren om niet te veel te drinken.

Enkele uren later (lees: tegen de nacht) ging mijn telefoon. Berichten en belletjes wisselden elkaar in rap tempo af. Op een rustigere plek nam ik op. ‘Mijn neef is opgepakt!’ Ik merkte dat ik me bewust afvroeg wat mijn opties waren; waar in deze situatie mijn grens tussen werk en privé lag. Door de paniek in zijn stem maakte ik de keuze om een locatie te zoeken om elkaar te vinden. Na enige tijd wachten kwam hij aangelopen, een neef in zijn kielzog. Nadat hij zijn verhaal had gedaan, bleek dat deze ‘niffa’ - nieuw woord geleerd voor neef - een andere was en de neef die was opgepakt nog steeds vast zat voor een vechtpartij. Vol trots vertelde mijn student dat hij niet had meegedaan aan de vechtpartij, omdat wij dat hadden afgesproken. Daar was ik dan best wel trots op. Nadat we hadden opgezocht hoe zij nu met de trein naar huis moesten komen, sloot hij mij nog eenmaal in zijn kleine armpjes en liep toen zichtbaar opgelucht richting station.