Arbeidsmarktgerichte LOB: het kabinet hinkt op twee benen

In dit blog bekritiseerd onze beleidsmedewerker Sandra Mors de ietwat schizofrene opvatting van ons kabinet met betrekking tot studiekeuze, uitgedragen door diverse kopstukken. Moeten we leerlingen en studenten de vrijheid geven te doen wat ze leuk vinden? Of moeten we ze juist bijsturen om toch vooral een ‘nuttige opleiding’ te kiezen? ‘Nee, in beide gevallen’, vindt Mors namens de NVS-NVL.

‘Wanneer studenten blijven kiezen voor het economische domein, moeten ze met een meer dwingende hand verleid worden tot een andere studiekeuze. We hebben heel lang de neiging gehad om tegen elkaar te zeggen: kies vooral een studie die je leuk vindt. Maar leuk is gewoon niet de enige maat der dingen.’ Dat zegt vicepremier Hugo de Jonge bij de jaaropening van de Hogeschool Rotterdam. Zijn visie ligt in de lijn van de visie van  onderwijsminister Ingrid van Engelshoven, maar staat haaks op het advies van premier Marc Rutte. Hij adviseerde jongeren bij zijn ‘optreden’ op Lowlands vooral een studie te kiezen die ze leuk vinden. Wat is het standpunt van ons kabinet nu eigenlijk?

'Keuzes te allen tijde bijsturen'

Realistisch voorlichten

De NVS-NVL is van mening dat we jongeren realistisch moeten voorlichten. We moeten ze opleiden met uitzicht op werk. Met een dwingende hand verleiden tot een andere studiekeuze gaat ons toch echt te ver. Onze missie is om samen leerlingen te begeleiden naar hun optimale toekomst, binnen de maatschappij van de toekomst. Met het doel de jongere voldoende handvatten te bieden om zelf zijn levensloop(baan) sturing te geven. Lees er hier meer over. Een jongere zal in de toekomst voortdurend keuzes moeten maken, waarbij er een balans wordt nagestreefd tussen ideaal en realiteit en tussen gevoel en verstand. Belangrijk hierbij is dat de jongere steeds een keuze maakt die op dat moment het beste bij hem of haar past. De jongere gaat uit van zijn huidige interesses en competenties.  

De keuze voor een vervolgopleiding wordt vooraf gegaan door de keuze van het vakkenpakket. Een jongere is hierbij afhankelijk van welke vakken/mogelijkheden een school aanbiedt. In krimpregio’s, bij kleinere scholen en/of in het speciaal onderwijs kunnen de keuzemogelijkheden minder groot zijn. Helaas kan (om welke redenen dan ook) niet altijd voldaan worden aan de doorstroomeisen van het gewenste vervolgonderwijs. Wat de NVS-NVL betreft moeten we niet de discussie voeren tussen dwingen tot een keuze maken of kiezen wat je leuk vindt.

Laten we de discussie voeren hoe kansen geboden kunnen worden, waarmee men keuzes te allen tijde te kan bijsturen.