Bind de strijd aan met vooroordelen, racisme en discriminatie

WerkvormenInteractieve werkvormen om gesprekken in de klas te voeren
Op de webportal Uitdeklas.nl vinden docenten uit het vo en mbo spellen, films en andere interactieve werkvormen rondom vooroordelen, racisme en discriminatie. De website ondersteunt docenten om de soms mooie gesprekken met leerlingen aan te gaan. Bij elke werkvorm zit een handige presentatie en een simpele handleiding met tips en voorbeeldvragen.

‘Moeilijke gesprekken aangaan met leerlingen blijft een uitdaging. Vooral over maatschappelijke problematiek,’ zegt Jiwan Does, docent maatschappijleer in Pijnacker. Hij is een van de leraren op het vo en mbo die gebruik maakt van Uitdeklas.nl. Dit portal met daarop interactieve werkvormen rondom vooroordelen, racisme en discriminatie werd in 2015 door Stichting Critical Mass gelanceerd om docenten en scholen te ondersteunen bij het bespreekbaar maken van moeilijke thema’s. ‘Ik was blij verrast dat hier werkvormen voor zijn gemaakt, dat is een positieve ontwikkeling. Bij Maatschappijleer zijn verhoudingen tussen mensen en groepen onderling, dus ook de rol van stereotypen en vooroordelen, een onderdeel van het curriculum. Natuurlijk kunnen ook andere vakken gebruik maken van de werkvormen.’

Het is een mening die steeds vaker in de schoolgangen wordt geuit: Laten we de moeilijke gesprekken aangaan met leerlingen. Niet alleen om conflicten beter te begrijpen, maar ook om ze te voorkomen met verdraagzaamheid. Begin 2016 verscheen het rapport ‘2 werelden, 2 werkelijkheden: een verslag over gevoelige maatschappelijke kwesties in de school’, gesteund door het ministerie van OCW. ‘Een groot aantal scholen voelt de hete adem van de actualiteit in hun nek en vraagt zich af hoe daarmee om te gaan’, is een van de boodschappen van de publicatie. Leerlingen nemen bijvoorbeeld meningen over van ouders, zonder de volledige context te begrijpen. Anderen voelen zich juist bedreigd door vooroordelen of geweld, waardoor ze gesprekken uit de weg gaan. Als docent ligt hier een belangrijke en moeilijke taak: Hoe breng ik een dialoog op gang en bied ik inzicht aan mijn klas?

Koudwatervrees

‘Als docenten voelen wij aan ons water dat er problemen spelen in de klas,’ zegt Guiot Duermeijer, mentor van een brugklas vwo/gymnasium in Nieuwegein. ‘Het is niet makkelijk om dat aan te kaarten, maar je kan het gewoonweg niet negeren. Ook al heb je koudwatervrees. De klas wordt er namelijk beter van als je hierover in gesprek gaat.’  Tijdens het Pietendebat kwam er de opmerking ‘Ze moeten niet zo moeilijk doen, ze hebben het toch goed in Nederland?’ van een meisje uit de klas van Duermeijer. ‘Een paar meisjes van kleur namen hier aanstoot aan. Dat is begrijpelijk. Maar omdat de werkvorm het gesprek op een concrete manier stuurde, kreeg iedereen ruimte om zijn of haar mening te geven. Na de les zijn een paar meisjes blijven hangen die er graag meer over wilden praten. Zonder de aanleiding in de klas was dat waarschijnlijk niet gebeurd.’

‘Ze moeten niet zo moeilijk doen, ze hebben het toch goed in Nederland?’

‘Bewust inzetten op interactiviteit valt erg goed bij leerlingen,’ zegt Esther Kloth, al twintig jaar docent Frans in Roosendaal. ‘In mijn klas stonden de kinderen erg te kijken bij het filmpje over het fietsendief-experiment, waarin te zien was hoe mensen handelen naar vooroordelen over huidskleur en criminaliteit. Zo’n werkvorm kweekt niet alleen begrip voor mensen die benadeeld worden, maar ook betrokkenheid.’ Verdraagzaamheid heeft onderhoud nodig, net zoals het behalen van goede cijfers en individuele prestaties. Maar helaas is hier vaak niet genoeg ruimte voor, merkt Kloth . ‘Daarom zijn deze werkvormen belangrijk. Ze nodigen leerlingen uit tot groepsgesprekken, maar bieden ook de mogelijkheid om na afloop de docent makkelijker te benaderen.’

Herkenbaarheid in directe omgeving

Herkenbaarheid van situaties is precies waar Uitdeklas.nl gebruik van maakt, door leerlingen in opdrachten te vragen naar hun eigen aannames. Het benoemen daarvan helpt niet alleen bij het identificeren van stereotypes, maar kaart ook aan wat de gevolgen van vooroordelen kunnen zijn en hoe je anders leert denken. ‘Het is belangrijk dat dit zonder schuld en schaamte gebeurt,’ zegt Does, die benadrukt dat het absoluut geen kwestie is van vingerwijzen. ‘Het is heel menselijk om bepaalde vooroordelen te hebben. Door dit te bespreken, kun je dat afleren.’

Diversiteit onder docenten speelt een grote rol. ‘Laatst kwamen twee leerlingen naar mij toe. Eén jongen heeft een Egyptische en de ander een Turkse achtergrond. Ze zeiden allebei dat ze het fijn vonden om een docent te hebben die zelf ook een migrantenachtergrond heeft. Dat maakt het makkelijker voor ze om over hun eigen ervaringen en gevoelens te praten.’

Onderscheid tussen individu en groep

‘Vorig jaar vroeg ik aan mijn klas of je als individu moet verantwoorden voor wat een groep doet vanuit jouw geloof, met het oog op IS’, vertelt Duermeijer . ‘Een van de jongens gaf aan dat hij zelf moslim is. ‘Maar die dingen staan niet in mijn Koran. Dit is niet zoals ik het leer en God ziet het ook niet zo. Het is namelijk niet hoe het hoort.’ Zo komen leerlingen in aanraking met de praktijk in hun directe omgeving. De werkvormen begeleiden dit op een losse maar inhoudelijke manier.’

‘Maar die dingen staan niet in mijn Koran. Dit is niet zoals ik het leer’

Het bespreekbaar maken van moeilijke maatschappelijke thema’s is kenmerkend voor al het aanbod op Uitdeklas.nl. De meeste werkvormen zijn ontwikkeld door Stichting Critical Mass, een aantal methodes en werkvormen zijn opgezet door diverse maatschappelijke organisaties die ook nauw betrokken zijn bij deze thema’s, bijvoorbeeld Movies that Matter, de Anne Frank Stichting of het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden en Erfenis.

Een van de aandachtstrekkers van de door Critical Mass ontwikkelde werkvormen is: ‘Impliciete Associaties’, waarbij leerlingen worden geconfronteerd met hun eigen onbewuste gedachten en voorkeuren. Door middel van interactief materiaal gaan leerlingen zelf aan de slag en ontdekken ze hoe een voorkeur (bias) voor ‘wit’ vaak automatisch aanwezig is, bijvoorbeeld vanwege de omgeving waarin je opgroeit of door beelden die ons bereiken via de media. Hiervoor worden fragmenten uit de documentaire ‘Zwart als roet’ met open discussievragen ingezet, maar ook beelden waarin de klas ziet hoe zelfs kleine kinderen al automatisch positieve associaties hebben bij een lichte huidskleur en negatieve associaties bij een donkere huidskleur. Tijdens de werkvorm ‘Streepje Voor’ staan juist weer de eigen ervaringen en verhalen centraal. Middels een fysiek spel en het zetten van stappen ontdekken leerlingen de invloed van huidskleur en afkomst, in combinatie met geslacht en seksuele voorkeur. Het confronteert hen als het ware met verschillende privileges en hoe deze zich vertalen naar concrete ervaringen in het dagelijks leven. Het delen met klasgenoten voegt aan beide werkvormen een extra dimensie toe, waardoor de gesprekken meer tot leven komen en begrip voor elkaar ontstaat.

‘De overkoepelende boodschap blijft dat iedereen mag zeggen wat hij of zij denkt, zolang je anderen niet beledigt en geen krachttermen gebruikt’, voegt Does toe, een houding waar ook Duermeijer en Kloth achter staan. ‘Het gaat om een dialoog in de klas, en daar voegt Uitdeklas.nl veel aan toe.’ Kennis en verdieping in combinatie met eigen ervaringen en begrip voor elkaar, is de kracht van de webportal, met daarbij voldoende ruimte voor docenten om hun eigen ervaringen en input in de werkvormen te verwerken.

door Alinda Veltrop

Dit artikel staat in Bij de Les nummer 5 van jaargang 13 (februari 2017)